Nalatenschap – wat en wie

In eenvoudige bewoordingen leest u hier alles over een nalatenschap. Aan het eind van dit artikel begrijpt u het ontstaan, de rechthebbenden, een testament, het aanvaarden en het systeem van wettelijk erfrecht.

Hoe onstaat een nalatenschap?

Ten tijde dat iemand overlijdt bezit die persoon een zeker vermogen. Het nagelaten vermogen heet de nalatenschap. Een vermogen kan bestaan uit zowel bezittingen als schulden. Het wordt ook wel de erfenis genoemd. Degene die overlijdt wordt aangeduid met erflater.

Wie hebben er recht op de nalatenschap?

De personen of instanties die recht hebben op (een deel  van) de erfenis worden aangeduid met erfgenaam. Wanneer de overledene tijdens zijn leven een testament heeft opgesteld staan de erfgenamen hierin vermeld. Is er geen sprake van een testament dan gelden de wettelijk regels. De wettelijke regels, te vinden in het Nederlands Burgerlijk Wetboek, benoemen de erfgenamen aan de hand van de partner, de kinderen en de familiebanden.

Wat kan iemand nalaten?

Zoals gezegd laat de overledene een vermogen na. Voorbeelden van bezittingen uit dat vermogen zijn een auto, een woning (onroerend goed), een bedrijf, de inboedel, banksaldi, effecten en vorderingen op personen of een vordering op de belastingdienst.
Voorbeelden van schulden zijn hypotheekleningen, persoonlijke leningen, een belastingschuld en huishoudelijke schulden. In dit kader nog goed een legaat te benoemen. Zogezegd een bijzondere ‘schuld’. De overledene kan in zijn testament hebben bepaald dat een persoon een vorderingsrecht krijgt op de erfboedel, het nagelaten bezit. Dat kan een bepaald goed zijn of een een som geld. Zo’n aangewezen persoon heet een legataris. Een legataris is geen erfgenaam. Het zijn juist de erfgenamen die moeten zorgen voor het overdragen (uitbetalen) van het legaat. Daarmee slinkt de erfenis.

Hebben schulden in de nalatenschap voorrang?

In de paragraaf hierboven staat vermeld dat een legaat een vordering is die met voorrang wordt uitgekeerd. Nog voordat de erfgenamen hun portie krijgen. Ook andere schuldeisers van de overledene hebben een bevoorrechte positie om zich te verhalen op de goederen uit de nalatenschap. Een nalatenschap noemt men zodoende een afgeschermd vermogen. Een apart vermogen waar de erfgenamen niet bij kunnen tot het moment dat ze is verdeeld en aan hen wordt overgedragen.

Waarom een testament laten opstellen?

In een testament legt een persoon, de testateur, vast wat er moet gebeuren met zijn nalatenschap. Een testament is een wilsverklaring. Er staat in beschreven welke personen of instanties erfgenaam zijn. Ook het onterven van personen kan erin genoemd staan. Verder kunnen andere zaken zoals (onder meer) de voogdij of erfbelasting besparingen erin zijn opgenomen. Een testament moet een officieel karakter hebben. Daarom is de bevoegdheid om een testament op te stellen alleen voorbehouden aan een notaris. Of een overledene een testament heeft opgesteld kan worden gecontroleerd in het centraal testamentenregister. Navraag doen in het centraal testamentenregister kan op vertoon van een akte van overlijden. Testamenten worden geregeld bijgewerkt op gewijzigde omstandigheden. Denk onder meer gewijzigde persoonlijke verhoudingen, erfrecht wijzigingen en belastingherzieningen.

Instemmen met de erfenis?

Wanneer een erfgenaam een nalatenschap kan verkrijgen geldt er een bedenktijd van drie maanden. Dat is een wettelijke termijn in Nederland en heet het recht van beraad. In die tijd kan een erfgenaam bepalen op welke wijze in te gaan op de erfenis. Er zijn drie mogelijkheden

  • Zuiver aanvaarden;
  • Beneficiair aanvaarden;
  • Verwerpen.

Het is van belang dat een erfgenaam tot het moment van aanvaarding zich afzijdig houdt van de nalatenschap. Er mag geen waarde worden onttrokken aan de nalatenschap waarmee schuldeisers worden benadeeld. Een goed uit de nalatenschap verkopen of ontvreemden is een teken van een zuivere aanvaarding. En maakt een erfgenaam persoonlijk aansprakelijk voor schuldeisers.

Zuiver aanvaarden

Bij deze vorm van aanvaarden accepteert de erfgenaam de volledige erfenis, inclusief de schulden. Zuiver aanvaarden zorgt voor een persoonlijke aansprakelijkheid van de schulden. Tegelijk geeft het recht op de bezittingen die naar vrijheid onderling verdeeld kunnen worden. Het aanvaarden van de volledige erfenis kan eventueel problemen veroorzaken als de schulden in de nalatenschap uiteindelijk groter blijken te zijn dan de bezittingen. Het is daarom van groot belang eerst de financiële situatie van de overledene volledig in beeld te hebben voor een beslissing te nemen.

Beneficiair aanvaarden

Beneficiair aanvaarden betekent aanvaarden onder voorwaarden. Die voorwaarde houdt in dat er onder de streep, bezittingen minus schulden, een positieve waarde moet overblijven. Dat kan raadzaam zijn als de uitkomst van de nalatenschap onbekend is. Blijkt er uiteindelijk een negatieve waarde van de nalatenschap dan is diegene niet verantwoordelijk voor de aflossing van het restbedrag.  Voor een geldige beneficiaire aanvaarding is een erfgenaam verplicht een verklaring af te leggen bij een rechtbank in de betreffende regio. Die verklaring wordt ingeschreven in het openbaar boedelregister.

Verwerpen

Een keuze voor verwerpen betekent geen erfgenaam willen zijn. Degene ontvangt niets en is ook niet aansprakelijk voor eventuele schulden. Het gevolg van een verwerping is dat er plaatsvervulling optreedt. Dat wil zeggen dat de bloedverwanten in de plaats treden van degene die verwerpt. Bij het zoeken naar een vervanger worden de regels van het wettelijk erfrecht toegepast. Veelal krijgen zo de kinderen de moeilijke erfenis aanvaarding beslissing voor de kiezen.

Wie zijn de wettelijke erfgenamen?

Wettelijk erfgenaam, ook wel genaamd erfgenaam bij versterf, wordt men door verwantschap met de overledene. Het wettelijk erfrecht is van toepassing als er geen testament aanwezig is en staat beschreven in het Burgerlijk Wetboek (boek vier).
De wet schrijft een vaste verwantschap volgorde voor. Dat resulteert in vier (opeenvolgende) groepen. Uitsluitend de eerst van toepassing zijnde groep erft. Waarbij elke persoon in die groep voor een gelijk deel erft. De volgorde luidt: (1) partner en kinderen, (2) ouders, broers en zussen, (3) grootouders en tot slot de (4) overgrootouders. Als iemand uit een groep vanwege een reden niet kan erven neemt het nageslacht de plaats in. Dat heet plaatsvervulling. Redenen om niet te erven kunnen zijn: inmiddels overleden, onterfd zijn of de erfenis hebben verworpen.

Dit voorbeeld verduidelijkt het plaatsvervulling en vier groepen systeem. Mevrouw A overlijdt op een leeftijd van 95 jaar. Ze heeft geen partner en ook geen kinderen. Er zijn zodoende geen erfgenamen in de eerste groep. In groep twee zijn de ouders en zus inmiddels overleden. De broer leeft nog. Er zijn nog twee levende kinderen van de zus. De beide kinderen van de overleden zus nemen de plaats in van de moeder. Zij erven samen de helft van de erfenis, oftewel ieder een kwart deel. De broer erft de helft van de erfenis.